Mijn ogen branden en de kloppende pijn in mijn keel verzwaard. Ik weet niet hoelang ik dit nog ga volhouden. De tranen komen weer te voorschijn en maken er een wedstrijdje van om het eerst op de grond te vallen. Sneller en sneller komen ze, ik ween. Heel mijn lichaam trilt en ik heb geen idee hoe het te stoppen. Buiten schijnt de maan, maar zijn witte kleur is vervangen door een mix van rood-oranje. Ik geloof niet in tekens van boven, maar mocht ik het geloven zou dit mijn eind betekenen. Mijn ademhaling verzwaard en ik begin harder en harder te beven. Ik zak door mijn knieën en probeer mijn gezicht droog te wrijven. Zo ben ik niet, neen ik ben een sterk meisje. Maar dit leven put mij uit, ik heb geen krachten meer. Een pijn schiet uit mijn hart en verspreidt zich door heel mijn lichaam. Het gaat niet meer. Met mijn laatste krachten open ik de deur en loop ik mijn vrijheid tegemoet, mijn eindbestemming.